Kinderliedje · 4–10 jaar
De vledermuis
Verbergt het menu, de afbeelding en extra informatie.

Vledermuis
Blijf niet thuis!
O wat warme zomeravend,
’t Koeltje lispelt zacht en lavend;
Rupsen die te spinnen hangen,
Kevers, vliegen, kunt ge vangen…
Zwendel maar in slingervlucht,
Piepend, snappend door de lucht.
Vledermuis,
Blijf niet thuis.
Vledermuis,
Blijf nu thuis.
Blaadren vallen, kevers slapen,
Mot noch vliegen kunt ge kapen…
Storm en hagel zoudt ge ontmoeten;
Hang u thans met de achtervoeten
Onder ‘t strooi aan lat of bind,
Tot u wekk’ de lentewind.
Vledermuis,
Blijf nu thuis.
Vledermuis,
Blijft ge thuis?
Dwaalt ge ’s avonds blij naar buiten
Wen de krekels schettren fluiten;
Slaapt ge ’s winters, leelijk dierken,
Kindren achten u geen zierken…
Zie, dat zou niet mogen zijn,
Want ge doodt zooveel venijn.
Vledermuis,
Blijf niet thuis.
Bewegen bij dit lied
- Zing rustig en maak de laatste regels steeds zachter.
- Wieg met het bovenlichaam langzaam mee.
Over deze variant
- De volledige tekstvariant uit 1879 is gevolgd; historische Vlaamse spelling en woordkeus zijn behouden waar modernisering het ritme of de betekenis kon veranderen.
Gecontroleerd op 6-8-2026
Bron en rechten
Deze volledige kinderliedtekst komt uit de auteursrechtvrije bundel van Emanuel Hiel uit 1879. De editie verwijst voor zangwijzen naar historische liedverzamelingen; er wordt hier geen moderne melodie geclaimd.
- Tekst
- Emanuel Hiel (1834–1899)
- Melodie
- Geen vaste melodie in deze teksteditie; historische zangwijzen staan in het bronregister
- Status
- Geverifieerd publiek domein
- Tekst: Hiel, Liederen voor groote en kleine kinderen (1879), lied 19
- Tekst- en melodievarianten zoeken in de Nederlandse Liederenbank
Zie je een fout? Mail correcties@kinderliedjesteksten.nl.
Ook leuk