Kinderliedje · 4–10 jaar
Daar klinken de klokken des avonds zoo zacht
Verbergt het menu, de afbeelding en extra informatie.

Daar klinken de klokken des avonds zoo zacht;
De schaapjes verlaten de wei vòòr den nacht;
De zangen verstommen, de zonne verdwijnt;
Het dorpken wordt rustig, de mane verschijnt.
De starrekens glinstren in ’s hemels azuur,
Ze lonken mij tegen, als stippekens vuur,
Maar werelden zijn het, veel grooter dan de aard,
Die draaien en zwaaien in rustlooze vaart.
Hoewel ge zoo stille door ’t vensterken licht,
Al biddende wend ik tot u mijn gezicht:
O starrekens, zonnen, zoo groot en zoo schoon,
Ge geeft ons van Godes vermogen betoon!
Bewegen bij dit lied
- Zing rustig en maak de laatste regels steeds zachter.
- Wieg met het bovenlichaam langzaam mee.
Over deze variant
- De volledige tekstvariant uit 1879 is gevolgd; historische Vlaamse spelling en woordkeus zijn behouden waar modernisering het ritme of de betekenis kon veranderen.
Gecontroleerd op 6-8-2026
Bron en rechten
Deze volledige kinderliedtekst komt uit de auteursrechtvrije bundel van Emanuel Hiel uit 1879. De editie verwijst voor zangwijzen naar historische liedverzamelingen; er wordt hier geen moderne melodie geclaimd.
- Tekst
- Emanuel Hiel (1834–1899)
- Melodie
- Geen vaste melodie in deze teksteditie; historische zangwijzen staan in het bronregister
- Status
- Geverifieerd publiek domein
- Tekst: Hiel, Liederen voor groote en kleine kinderen (1879), lied 22
- Tekst- en melodievarianten zoeken in de Nederlandse Liederenbank
Zie je een fout? Mail correcties@kinderliedjesteksten.nl.
Ook leuk